
Lucas 12:13-21
Wat heb je eraan?
Twee mensen hebben ruzie over geld. Jezus vertelt een verhaal over een rijke man, die bijna geen plek meer heeft om al zijn rijkdom op te slaan. Maar wat heb je daar eigenlijk aan? Misschien is dit wel de laatste
‘Uutblaoz’n in de Achterhoek’, zo luidt de titel van een prachtige met talloze illustraties uitgevoerde gids van de gezamenlijke VVV’s. In de gids vinden we allerlei ideeën over inspanning en over ontspanning. Zo zijn er honderden fiets-, wandel-, skeeler- of ruiterroutes in opgenomen. Daarnaast geeft de gids informatie over diverse bezienswaardigheden in stad en ommelanden. Het culinaire gebeuren in de Achterhoek wordt ook niet vergeten. Er moet immers voor de horeca ook brood op de plank komen! De toerist komt in het boekje met wel 50 tips voor een goede en actieve vakantiebesteding volop aan zijn trekken.
De komende tijd zullen er nogal wat mensen op uittrekken om hier en elders te gaan ‘uitblazen’. De gewone dagelijkse gang van zaken met alle drukte en verplichtingen wordt even onderbroken om de accu opnieuw op te laden. Het ‘uutblaozen’ is niet alleen goed voor onze lichamelijke conditie maar kan zeker ook bijdragen tot ons geestelijke welzijn. Dit laatste houdt wel in dat we ons los moeten kunnen maken van het dagelijks gebeuren. Hiervoor is het niet nodig om verre reizen te maken maar kunnen we ook terecht in onze eigen omgeving.
De vakantietijd kan ook een tijd zijn van bezinning op ons levensritme en op de dingen die wel of niet belangrijk zijn, op keuzes die we moeten maken en op onze toekomst. Jezus kwam tot rust en bezinning door zich regelmatig in de stilte van de natuur terug te trekken. Hij laadde de accu bij in het contact met zijn hemelse Vader. Degenen, die in de komende weken op weg gaan naar een bestemming in binnen- of buitenland een goede tijd en weer een behouden thuiskomst toegewenst! Dit laatste geldt uiteraard ook voor degenen die thuis blijven.
Steven Kuijt
In de zomermaanden, namelijk vanaf 18 juli tot en met 8 augustus, is er voor onze hele gemeente één dienst per zondag.
Geloven in God en horen bij een geloofsgemeenschap is heilzaam voor mensen. De kerk heeft mensen iets goeds te bieden. Daarom is het fijn dat we op de genoemde zondagen allemaal naar dezelfde kerk gaan, elkaar daar ontmoeten en samen gemeente zijn!
Jody M. Brus-Rexwinkel, scriba.
Tussen de Romaanse bouwstijl en de Notre-Dame-du-Haut in Ronchamp is een wereld van verschil. Jan de Jongh beschrijft in deze liturgische kanttekening de radicale veranderingen op dit gebied. Met daarbij het advies: gebruik een vakantie ook om kerken te kijken!
Kerken kijken
Op mijn bureau staat een wat rafelige foto van de Notre-Dame-du-Haut, die Le Corbusier bouwde in Ronchamp. Wie via de Jura naar het zuiden van Frankrijk trekt, zou deze kerk moeten bezoeken. Ik had in deze architectuur eens een onvergetelijke religieuze ervaring.
Binnen en buiten
De Notre-Dame-du-Haut stamt uit 1955 en staat model voor een verandering in de kerkbouw, die veel zegt over de verandering in liturgie- en geloofsbeleving. Een kerkgebouw is immers onderdeel van het ritueel. Het bijzondere van Ronchamp is nu dat er geen scherpe scheiding meer is tussen profaan en sacraal, tussen schip en koor, en zelfs tussen buiten en binnen. Er is geen drempel of verhoging tussen gemeente en koor. Heel de ruimte is liturgisch centrum. De lichtval is zodanig dat je je tegelijk binnen en buiten waant. Het Heilige is ervaarbaar aanwezig als deel van déze, onze werkelijkheid.
Fabriekshalstijl
Na de oorlog zijn in enkele decennia meer kerken gebouwd dan ooit tevoren. Of deze vaak schoon-metselwerk-gebouwen iets verbeelden van het Heilige, zoals bij Corbusier, is de vraag. Prof. J.H. van den Berg schreef in zijn boek ‘Metabletica van de materie’ over deze kerken dat ze “buiten, maar ook binnen, evengoed een kantoor, een gemaal of een fabriekshal konden zijn, maar toevallig (kan men zeggen) tot een kerk zijn ingericht”. Als er al sprake is van een drempel tussen heilig en profaan, binnen en buiten is die nauwelijks meer waar te nemen. Het harde licht, het bosje bloemen op tafel, de ingang als van een huis, de multifunctionaliteit…
Gemeente centraal
Inderdaad laat deze bouwstijl precies de grote culturele veranderingen in kerk en samenleving zien. Er is nauwelijks meer sprake van scheiding tussen ambtsdragers en gemeente. In vooroorlogse protestantse kerken waren er naast de preekstoel twee deuren. Door de ene kwamen predikant en ouderlingen binnen, door de andere de diakenen: onderscheid moet er zijn. Ze namen plaats in verhoogde banken ter weerszijden van of in de dooptuin onder de soms zeer hoge en omvangrijke preekstoel. En in rooms-katholieke kerken bevond zich de sacristie meestal in de buurt van het verhoogde priesterkoor, afgescheiden van het volk door communiebank of hekwerk.
In de meeste nieuwbouw echter bevindt kerkenraadskamer of sacristie zich achter in de kerk en komen de ambtsdragers door het middenpad op en nemen plaats op de voorste rij stoelen. De preekstoel is vervangen door een lezenaar. De ambtsdrager is ‘slechts’ voorganger in de viering van de geméénte.
Preekstoel
Niet iedereen wenst dit zo te beleven, zoals ik eens ervoer. Ik ben namelijk niet zo voor een preekgestoelte. Dus gebruikte ik mijn hoogtevrees als excuus bij gastdiensten om dit apparaat te ontwijken. Ik herinner mij dat een ouderling mij vriendelijk doch dwingend verzocht van de preekstoel gebruik te maken. Er hadden mensen over mij geklaagd. Ze konden me in de laagte niet goed horen. Gezien de aanwezige geluidsversterker geloof ik dat laatste niet. Wellicht bedoelde men: de preek kun je slechts horen vanuit ‘al zo hoge’!
Ga kijken
Ga vooral als het even kan kerken kijken in uw vakantie en vraag u dan eens af: welke geloofsvorm verbeeldt de architectuur? En in welk gebouw zou ik graag willen vieren? Ik verklap u dat ik mij aangetrokken voel tot de twee uitersten: Romaans en Le Corbusier. Wellicht zijn dit in de verbeelding van het Heilige helemaal geen uitersten.
Jan de Jongh
Er zijn mensen
die niet meer kunnen geloven in de zon
eenmaal als het nacht is.
Ze missen dat beetje geduld
om te wachten tot de morgen komt.
